| Spanning
rond 1475/95 loopt op
Alhoewel dat wel zou moeten, doet de simpele mededeling 1475/95 niet bij iedereen meteen een belletje rinkelen. Deze cijfercombinatie staat voor de Europese Verordening met rugnummer 1475 die in 1995 van kracht werd: de regeling die bepaalt dat nieuwe personen- en bedrijfswagens in Europa verkocht mogen worden volgens een regeling waarbij de fabrikant de distributie mag inrichten op basis van exclusiviteit (de verkoop binnen een gegarandeerd rayon is voorbehouden aan de dealer) en selectiviteit (verkoop alleen via geselecteerde dealers aan wie het verboden is te leveren aan niet erkende wederverkopers). Deze regeling biedt weliswaar de fabrikant voordelen, maar als tegenwicht wordt de dealer een zekere bescherming geboden. De discussie over het voortbestaan van de regeling is momenteel zeer actueel omdat in Europa in andere sectoren nieuw beleid, met minder bescherming voor de dealer, is aanvaard terwijl de tijd begint te dringen. Want hoe de discussie ook mag aflopen, één ding staat vast: op 30 september 2002 valt definitief het doek voor deze verordening en het is de vraag of ze wordt voortgezet. Voor continuering De vraag is dus of de regeling integraal wordt voortgezet, dan wel wordt veranderd dan wel helemaal op de schop gaat. BOVAG heeft zich voor zowel de truck- als de personenwagendealers uitgesproken voor continuering van de huidige richtlijn. BOVAG is momenteel druk bezig om te lobbyen voor haar standpunt in Brussel, waar de Europese commissie resideert. Over de stand van zaken kan Slootweg kort zijn: "We zijn op allerlei fronten druk aan het lobbyen en versterken de samenwerking met onze zusterorganisaties in Europa. Eind vorig jaar hebben tientallen organisaties in Europa een vragenformulier gekregen over deze regeling. Momenteel worden de antwoorden geïnventariseerd. Niemand weet waar het op uitdraait. De Europese commissie stelt zich op het standpunt dat momenteel de gegevens worden verwerkt, punt. En nogmaals, BOVAG heeft een standpunt ingenomen, dat dragen we uit en verdedigen we." Desalniettemin is er recent - eind vorig jaar - iets gebeurd dat de branche beroert. Slootweg: "In december is de nieuwe Europese Verordening 2790/1999 aangenomen. Deze verordening geeft het nieuwe mededingingsdenken binnen de Europese Unie op dit moment weer. Dit komt erop neer dat fabrikanten die, zolang ze een marktaandeel hebben van minder dan dertig procent, zon beetje alles mogen doen met en eisen van hun wederverkopers wat ze maar willen. Natuurlijk ligt het helemaal aan de verhouding tussen fabrikant/importeur en dealers wat er in de praktijk gaat gebeuren, maar juridisch gezien is het zo dat, als deze verordening van toepassing wordt op de truckbranche, de fabrikanten veel macht krijgen. De vaststelling van de marktaandelen in de truckbranche is overigens onzeker, omdat het marktaandeel moet worden bepaald voor de markt die voor het betreffende merk als relevant wordt aangemerkt. En er is geen merk dat een groter marktaandeel heeft dan dertig procent. Als 1475/95 eventueel vervalt, dan is er een grote kans dat de truckdealers onder deze verordening zullen vallen. Daarom doen wij er ook alles aan om onze visie op deze verordening te geven. We zijn daarom zeer benieuwd naar de richtsnoeren die voor deze verordening gaan gelden. Deze worden in mei bekend en dan weten we wat deze verordening betreft een hele hoop meer. Maar nogmaals: dat zegt niets over 1475/95." Aangezien een marktaandeel van dertig procent in deze verordening het verschil maakt, is het uiteraard belangrijk te weten welke dertig procent wordt bedoeld. Gaat het om dertig procent marktaandeel in Europa of in Nederland? Slootweg: "Goede vraag. Als blijkt dat Nederlandse klanten nauwelijks trucks kopen in het buitenland en als mag worden aangenomen dat een eventuele prijsverhoging hierop geen effect heeft, dan vinden wij dat moet worden gekeken naar de Nederlandse situatie." Toegevoegde waarde Veel truckdealers stellen zich volgens Slootweg op het standpunt dat de truckbranche een heel andere is dan die van personenwagens. Slootweg: "Zij wijzen erop dat zij niet zo makkelijk zijn te vervangen. Dealers van personenwagens hebben in hun ogen veel minder een toegevoegde waarde dan truckdealers. Truckdealers verkopen geen trucks, truckdealers laten aan de klant een basistruck zien en passen vervolgens de opbouw aan de eisen van de klant aan. Dat is maatwerk. Een truckfabrikant zal zich dan wel drie keer achter de oren krabben voordat hij zijn dealers tegen zich in het harnas jaagt. De kern van dit betoog is dat truckdealers veelal jarenlange specifieke verplichtingen met hun klanten aangaan op basis van het door hen vertegenwoordigde merk. Om die reden wordt wel verdedigd dat truckdealers nog meer behoefte aan de Europese regels om hun positie ten opzichte van de fabrikant evenwichtiger te doen zijn. Om deze reden heeft de TDA besloten zo nodig de speciale positie van truckdealerbedrijven onder de aandacht van de Europese commissie te brengen." Samenwerking Slootweg heeft bij diverse gelegenheden zijn visie ontvouwd en zal dat nog meerdere malen doen (onder meer tijdens een bijeenkomst voor truckdealers over enkele weken die door de TDA wordt georganiseerd-red.). Hij legt daarbij alles uit over het Europese gedachtegoed, maar neemt altijd de kans te baat de ondernemers te wijzen op hun positie. Slootweg: "Natuurlijk is 1475/95 belangrijk. Maar ondernemers doen er ook of misschien zelfs juist veel beter aan goed na te denken over de te volgen strategie. Ik hou de ondernemers altijd voor dat samenwerking een oplossing kan bieden. Een grote detaillist heeft in economisch opzicht een gunstiger positie en zal sneller als professionele gesprekspartner rechtstreeks door de fabrikant zelf worden aangemerkt. Kijk maar naar Albert Heijn, die zich als giganten als Unilever de les laat lezen. Een klein aantal professionele dealers stelt de noodzaak tot het hebben van een importeur ter discussie en kan dus tot verdere kostenrationalisering leiden." |